![]() |
|
ZOEK |
|
Deze informatie is afkomstig van HartWijzer.nl, een website samengesteld door de Nederlandse Vereniging voor Cardiologie (NVVC). Van de onderstreepte onderwerpen is op HartWijzer.nl een afzonderlijke tekst te vinden.
PLOTSE HARTDOODAls het hart van het ene op het andere moment ophoudt met pompen, treedt al na
enkele minuten de dood in – een plotse hartdood. De dood treedt niet in met het
stoppen van het hart, maar bij het verlies van de hersenfunctie. Zonder een tijdige
reanimatie kan een omkeerbare hartstilstand in enkele minuten tot een onomkeerbare
hersendood leiden.
KamerfibrillerenEen hartstilstand is een term die de lading maar ten dele dekt. Bij kamerfibrilleren staat de
hartspier helemaal niet stil – de pompkracht valt weg omdat de hartspier van de kamers snel
en chaotisch gaat trillen. Wat stilstaat is niet de hartspier, maar de bloedsomloop. Om die
reden is de term niet onjuist, want ondanks de trillende hartspier staat de hartfunctie zelf wel
degelijk stil.
Uiterlijke kenmerken hartstilstandSlagaderziekte is een geduldige sluipmoordenaar. Een hartstilstand met het risico op
een plotse hartdood kan het eerste signaal van de ziekte zijn. Iemand zakt in elkaar, de hartslag
valt weg, hij raakt buiten bewustzijn en houdt op met ademen. Zo iemand is dan niet
hersendood. Als omstanders snel reageren, kan hij deze klap te boven komen. De hartslag is
het beste waar te nemen in de hals, de ademhaling door je oor bij de mond te houden.
Beter voorkomen dan genezenWie een hartstilstand overleeft, heeft soms onherstelbare schade aan de hartspier of de hersenen. Een dokter zal daarom altijd proberen in te grijpen voordat het te laat is. Slagaderziekte kan behandeld worden door het aantal risicofactoren in de leefstijl te beperken en eventueel ook met medicijnen zoals cholesterolverlagers of bloeddrukverlagers. Andere oorzakenIn vier van de vijf gevallen wordt een plotse hartdood veroorzaakt door een hartinfarct. Als een hartinfarct niet de oorzaak is, zijn er drie andere mogelijkheden: een andere ziekte, een ongeluk of een aangeboren hartafwijking. Van deze drie mogelijkheden komt een aangeboren hartziekte verreweg het minste voor. 1. Een andere ziekte kan een hartziekte zijn, zoals hartfalen of klepgebreken, maar ook een ziekte die niet direct aan het hart is gerelateerd. Een longembolie bijvoorbeeld, die beide longen plotseling van bloedtoevoer afsluit, of een hevige aanval van epilepsie of zelfs diabetes. Dergelijke ziekten kunnen een plotse hartdood veroorzaken, maar het komt weinig voor. 2. De oorzaak van een plotse hartdood kan ook een ongeluk zijn. Denk aan verdrinking, een elektrische schok, een overdosis, vergiftiging. Door allerlei omstandigheden van buiten het lichaam kan het hart dienst weigeren en kan de bloedsomloop tot stilstand komen. 3. Een zeldzame oorzaak van een plotse hartdood is een aangeboren of erfelijke hartziekte. Een ziekte kun je het eigenlijk niet eens noemen, want het enige symptoom is in veel gevallen een extra risico op een plotse hartdood. Verder hoef je er weinig of niets van te merken. Een vorm van cardiomyopathie die het risico op een plotse hartdood groter maakt, is bijvoorbeeld de erfelijke hartspierziekte Hypertrofische CardioMyopathie (HCM). Verder zijn er erfelijke hartritmestoornissen zoals het Lange QT-Tijd Syndroom (LQTS) die dat risico verhogen. De naam van deze ziekte, LQTS, verwijst naar een segment op het ECG, waar de letter Q staat voor het begin en de letter T voor het einde van het segment. Iemand met een ernstige vorm van HCM of LQTS krijgt om een plotse hartdood te voorkomen soms een ICD.
SportcorIn Nederland overlijden er jaarlijks ongeveer 150 mensen aan een plotse hartdood tijdens of
vlak na het sporten. Niet de sport zelf is de oorzaak, maar een verborgen hartziekte. Als de
sporter ouder is dan 35 jaar gaat het meestal om slagaderziekte en een hartinfarct,
maar bij sporters onder de 35 is die oorzaak niet waarschijnlijk. Deze jonge sporters hebben
vaak een aangeboren hartziekte, waarvan ze zich niet bewust zijn.
|
|