Deze informatie is afkomstig van HartWijzer.nl, een website samengesteld door de Nederlandse Vereniging voor Cardiologie (NVVC). Van de onderstreepte onderwerpen is op HartWijzer.nl een afzonderlijke tekst te vinden.
KRANSSLAGADERS
Vreemd genoeg onttrekt de hartspier weinig of geen zuurstof aan het bloed dat
voortdurend door zijn kamers en boezems stroomt. De hartspier ontvangt
zelf zuurstofrijk bloed via slagaders die het hart aan de buitenkant als een krans
omvatten, de kransslagaders. Naar corona, het Latijnse woord voor krans, worden ze
ook wel coronaire slagaders genoemd.
Voor zijn onophoudelijke inspanningen heeft de hartspier veel energie nodig.
Raakt een kransslagader afgesloten, dan kan dat in korte tijd ernstige gevolgen
hebben voor het stroomgebied van die kransslagader, dat wil zeggen het deel van
de hartspier dat de slagader van bloed voorziet. Het gevolg van een afgesloten
slagader is een hartinfarct. Als de kransslagaders vernauwd zijn, kan dat leiden
tot pijn op de borst.
Het bloed in de kransslagaders wordt zichtbaar op de gedetailleerde röntgenfilm
die wordt gemaakt tijdens een hartkatheterisatie.

| |
Kransslagaders
A. LCA: Linker Coronair Arterie
B. RCA: Rechter Coronair Arterie
C. Hoofdstam LCA
D. LAD: dalende zijtak LCA
E. Cx: omcirkelende zijtak LCA
|
Röntgenopname tijdens een hartkatheterisatie.
De vertakkingen van de linker kransslagader omvatten
het hart als een haarnetje, waardoor de bolle vorm
van het hart zichtbaar wordt.
D. LAD: dalende zijtak LCA
E. Cx: omcirkelende zijtak LCA
| |
De loop van de kransslagaders
De loop van de kransslagaders doet denken aan een boom, die begint met een brede stam en
zich vertakt tot kleine twijgjes in zijn kruin.
Aan de aorta ontspringen twee kransslagaders. De linkerkransslagader voedt vooral de
linkerhelft van het hart, de rechter de rechterhelft en de onderzijde van de linkerhelft. Beide
kransslagaders vertakken zich in een groot aantal steeds kleinere slagaders, die uiteindelijk
de hartspier induiken en daar uitmonden in haarvaten. In de haarvaten worden zuurstof en
afvalstoffen uitgewisseld.
De medische term voor een kransslagader is coronair arterie. De twee kransslagaders zijn
de Linker Coronair Arterie en de Rechter Coronair Arterie, meestal afgekort tot LCA en RCA.
Maar in feite zijn er drie hoofdtakken, want de linkerkransslagader splitst zich al snel in
tweeën. De twee takken heten de LAD, een afkorting van Left Anterior Descending (linker
voorste dalende) kransslagader, die aan de voorkant van het hart naar beneden loopt, en de
Cx kransslagader, afkorting van Circumflex, die een omcirkelende beweging naar achteren
maakt. In feite zijn er dus drie hoofdtakken: de RCA, de LAD en de Cx.
Vrijwel altijd is het aandeel van de linkerkransslagader met de twee grote afsplitsingen
groter dan het aandeel van de rechterkransslagader. Bij de meeste mensen voorziet de linkerkransslagader
ongeveer 65 procent van de hartspier van bloed, de rechter ongeveer 35 procent.
De loop van de kransslagaders verschilt van mens tot mens. Een cardioloog die een hartkatheterisatie uitvoert, weet daarom niet van tevoren welke route hij moet nemen om bij
een afsluiting te komen. De exacte loop van de kransslagaders ziet hij pas op het moment dat
hij al lang en breed onderweg is. Overigens is niet alleen de loop van de kransslagaders persoonsgebonden.
Sommige mensen hebben van nature een verbinding tussen de hoofdtakken
die de bloedtoevoer in een noodgeval kan overnemen. Zo’n natuurlijke omleiding heet een
collateraal. Een collateraal kan ook spontaan ontstaan als de hartspier te maken krijgt met een
chronisch zuurstoftekort.

| |
Doorsnede spierwand hart en doorsnedes van een kransslagader
A. Een kransslagader (rood) en een kransader (blauw) met vertakkingen en haarvaten in de hartspier.
B. Doorsnee van een (krans)slagader met endotheel (lichtpaars) en laag met spiercellen (oranjebruin).
C. Dwarsdoorsnede met lumen (rood).
| |
Afvoer via kransaders
Het hart heeft ook bloedvaten die het zuurstofarme bloed uit de hartspier wegvoeren. Dit zijn
de kransaders. Over de kransaders hoor je zelden iets, omdat ze vrijwel nooit problemen
geven.
De kransaders komen samen in een hoofdtak, de sinus coronarius of kranssinus, die
loopt tussen de linkerkamer en de linkerboezem en uitmondt in de rechterboezem. In de
rechterboezem wordt het zuurstofarme bloed naar de longen gepompt om weer zuurstof op
te nemen.
Ziekten van de kransslagaders
Ziektebeelden die voortkomen uit vernauwde of afgesloten kransslagaders zijn pijn op de borst en een hartinfarct. Ziekten van de kransslagaders zijn een gevolg van slagaderziekte en staan hoog op het lijstje van meest voorkomende doodsoorzaken in
Nederland.
Interventies aan de kransslagaders
Bij een ernstig vernauwde of afgesloten kransslagader wordt soms een kleine operatieve
ingreep ofwel interventie verricht via hartkatheterisatie. Een interventiecardioloog kan
met een dun slangetje, een katheter, via de bloedvaten in de kransslagaders komen. Degene
die het ondergaat ondervindt weinig overlast. Er wordt alleen een ingang voor het slangetje
in de lies, pols of elleboog gemaakt, waarvoor een plaatselijke verdoving volstaat.
De techniek van de hartkatheterisatie biedt de cardioloog een scala aan mogelijkheden. Hij
kan een contrastvloeistof inspuiten en live op een monitor met een röntgenfilmpje zien waar
eventuele vernauwingen of afsluitingen zijn. Een vernauwde kransslagader kan worden opgerekt
door een ballonnetje. Deze ingreep, bekend onder de naam dotteren, wordt steeds
vaker uitgevoerd.
De ontwikkeling staat niet stil, integendeel. Nieuwe behandelmogelijkheden zijn in de interventiecardiologie
aan de orde van de dag. Het zijn er te veel om hier te kunnen noemen.
Soms vertonen de kransslagaders problemen die door dotteren niet te verhelpen zijn, zoals
vernauwingen of afsluitingen aan meer dan één kransslagader tegelijk. Dan is een bypassoperatie soms de beste behandeling. Een bypassoperatie vereist een openhartoperatie en is
een zaak van de hartchirurg.
Bij vrijwel alle ziekten van de kransslagaders worden medicijnen voorgeschreven. De
hoofdgroepen zijn de cholesterolverlagers, de bloeddrukverlagers en de stollingwerende medicijnen.