![]() |
|
ZOEK |
|
Deze informatie is afkomstig van HartWijzer.nl, een website samengesteld door de Nederlandse Vereniging voor Cardiologie (NVVC). Van de onderstreepte onderwerpen is op HartWijzer.nl een afzonderlijke tekst te vinden.
AANGEBOREN HARTZIEKTEAf en toe zijn hart en bloedvaten al bij de geboorte niet goed in staat om de bloedsomloop voldoende in beweging te houden. Een aangeboren hartziekte met
ernstige
gevolgen komt in Nederland voor bij minder dan één procent van de
pasgeboren
kinderen.
Van appelpit tot garnaalAangeboren hartziekten ontstaan vaak in de allereerste weken van een mensenleven, om
precies te zijn in de zesde tot de tiende week als het embryo een groeispurt maakt. In een
maand groeit het embryo explosief van een vormloos klompje ter grootte van een appelpit
tot een mensje met ledematen en een hoofd ter grootte van een garnaal.
Hart en bloedsomloop voor en na de geboorteDe bloedsomloop is voor de geboorte heel anders dan na de geboorte. Voor de geboorte
zijn de longen ingeklapt en ontvangt de baby zuurstof via de placenta. De weerstand in de
ingeklapte longen is hoog en het bloed stroomt er mondjesmaat doorheen. Omdat de longen
hun werk nog niet doen, is de bloedsomloop naar de longen nog niet gescheiden van de rest.
Via een gaatje in de wand tussen de boezems, het foramen ovale, staan de beide helften van
het hart met elkaar in verbinding. Tevens verbindt een grote slagader de longslagader met de
aorta, de ductus arteriosus.
Oorzaak vaak onbekendWe weten dat er af en toe iets mis gaat tijdens de groeispurt in de eerste weken, maar we
weten in de meeste gevallen niet precies hoe dat komt. Het groeiproces is zo complex dat het
eigenlijk juist een wonder is dat het zo vaak goed gaat. In niet meer dan één op de tien gevallen
is het mogelijk om een oorzaak – of een deel van de oorzaak – met zekerheid aan te wijzen.
Erfelijke hartziektenIs de oorzaak van een hartziekte erfelijke aanleg, dan zal dat meestal blijken uit de familiegeschiedenis.
Een DNA-test kan de erfelijke aanleg in bepaalde gevallen bevestigen, maar
zeker niet altijd. Bij een erfelijke ziekte word je in het ziekenhuis doorverwezen naar een gespecialiseerde
afdeling, de afdeling klinische genetica. Een voorbeeld van een erfelijke ziekte
is het syndroom van Marfan, dat hieronder wordt besproken. Andere voorbeelden van erfelijke
hartziekten zijn bepaalde vormen van cardiomyopathie of hartritmestoornissen.
Ontdekken van aangeboren hartziektenHet merendeel van de aangeboren hartziekten wordt ontdekt in het eerste levensjaar, soms
al kort na de geboorte omdat de baby opvallend blauw en kortademig is. Maar let op: niet
alle blauwe en kortademige baby’s hebben een aangeboren hartziekte. Pasgeboren baby’s
hebben nog geen sterke longen en zijn vaak wat blauw en kortademig, ook als dat niets met
een hartziekte te maken heeft.
Risico op ontstekingVrijwel alle mensen met een aangeboren hartziekte hebben een verhoogd risico op endocarditis. Deze ziekte, een ontsteking aan de binnenbekleding van het hart, is erg gevaarlijk. Mensen met een aangeboren hartziekte krijgen daarom in bepaalde gevallen preventief antibiotica om het risico op endocarditis zo klein mogelijk te houden. We hebben allemaal een gaatje in het tussenschot (gehad)We worden allemaal geboren met een gaatje in de wand tussen de boezems (foramen ovale).
Voor de geboorte had dat gaatje een functie (zie boven), maar na de geboorte, als het zuurstofarme
bloed op weg naar de longen van het zuurstofrijke bloed moet worden gescheiden,
geeft het gaatje juist problemen. Bij drie op de vier mensen sluit het gaatje zich vanzelf kort
na de geboorte en bij één op de vier blijft de doorgang open. Kwaad kan dat in de meeste
gevallen niet, want het gaatje wordt dan door een flap afgesloten. Het bloed kan alleen onder
bijzondere omstandigheden – als de flap bijvoorbeeld bij een harde nies wordt weggedrukt
– van de ene boezem naar de andere stromen.
Gaatje in de kamerwand: VSDEen gaatje in de wand (septum) tussen de kamers (ventrikels) wordt een VentrikelSeptumDefect of VSD genoemd. Een VSD is de meest voorkomende aangeboren hartafwijking bij de geboorte. Op volwassen leeftijd komt het veel minder vaak voor, omdat het gaatje bij de meeste mensen dichtgroeit. Of het gaatje op volwassen leeftijd problemen geeft, is afhankelijk van de grootte en de plaats. De grootte kan variëren van enkele millimeters tot enkele centimeters, en het gaatje kan zich bevinden op een lastig te behandelen plek, bijvoorbeeld bij een hartklep.
Een VSD kan drie problemen veroorzaken. 1. Een groot VSD kan een flinke doorstroom tussen de kamers veroorzaken, wat een extra belasting is voor de linkerkamer. Als die extra belasting lang duurt, kan de linkerkamer zich gaan verwijden, waardoor de pompkracht van het hart achteruit gaat. Daarom wordt een groot VSD meestal operatief gedicht. 2. Zit het VSD naast een hartklep, dan kan dat een klepgebrek tot gevolg hebben. 3. Een klein VSD is minder ernstig, maar op de rafelige randen van het gaatje kunnen zich bacteriën hechten. Daardoor is het risico op endocarditis verhoogd. Gaatje in de boezemwand: ASDEen gaatje in de wand (septum) tussen de boezems wordt een AtriumSeptumDefect of ASD genoemd (atrium = boezem). Een ASD is de meest voorkomende aangeboren hartafwijking op volwassen leeftijd. Vaak geeft een ASD pas op volwassen leeftijd klachten, zoals moeheid, kortademigheid of een afwijkend hartritme. Een groot ASD vormt een extra belasting voor de hartspier die op den duur ernstige gevolgen kan hebben, meer voor de rechterkamer dan voor de linkerkamer. Het is beter als het ASD reeds op jonge leeftijd wordt ontdekt, want als het vroeg wordt behandeld zijn de vooruitzichten beter. Een ASD kan in een kleine operatieve ingreep worden gedicht.
Tetralogie van FallotEen tetralogie is een serie in vier delen, zoals een trilogie een serie in drie delen is. De negentiende- eeuwse arts Etienne Fallot beschreef een ziektebeeld waarin hij vier aangeboren hartafwijkingen onderscheidde: een gaatje in de wand tussen de kamers (VSD), een vernauwing in de longslagader voor de hartklep, een abnormaal aangelegd begin van de aorta en een verdikte hartspier. Fallot was niet de eerste die het ziektebeeld beschreef, maar toch kreeg het zijn naam: tetralogie van Fallot.
Eigenlijk gaat het niet om vier hartafwijkingen, maar om een enkele afwijking die gevolgen heeft voor vier delen van het hart. Die ene afwijking is een verkeerd aangelegd tussenschot. De afwijkingen aan de longslagader en de aorta vloeien daaruit voort, de verdikte hartspier ontstaat door een langdurige extra inspanning van de rechterkamer.
Door de vernauwing in de longslagader kan de rechterkamer het bloed niet goed richting longen pompen en vermengt het zuurstofarme bloed zich via het gat in de kamerwand met het zuurstofrijke bloed in de linkerkamer. Dat betekent dat iemand met de tetralogie van Fallot een mengsel van zuurstofarm en zuurstofrijk bloed in zijn slagaders heeft. Hoe zuurstofarmer het bloed, hoe blauwer de huidskleur. Zo kun je bij een baby soms de ernst van het ziektebeeld aflezen aan de huidskleur. Is de vernauwing in de longslagader ernstig, dan is de huidskleur blauw. Is de vernauwing minder ernstig, dan kleurt de baby roze. Etienne Fallot beschreef de ziekte als de blauwe ziekte. Tegenwoordig wordt tetralogie van Fallot behandeld door een openhartoperatie, waarin de vernauwing in de longslagader wijder wordt gemaakt en het gat in de kamerwand gedicht. De operatie wordt bij voorkeur uitgevoerd in het eerste levensjaar, als de schade nog beperkt is en de hartspier nog weinig te verduren heeft gehad. Na de operatie is er een vrijwel normale levensverwachting, hoewel behandeling noodzakelijk blijft en er een verhoogd risico is op endocarditis en klepgebreken. Coarctatie van de aortaCoarctatie betekent vernauwing van een slagader, niet door dichtslibben van binnenuit zoals
bij slagaderziekte, maar door een insnoering van buitenaf. Denk aan de vorm van een zandloper.
Het resultaat is hetzelfde, namelijk dat er minder bloed door de buis kan stromen. De
aorta is de hoofdtak voor het zuurstofrijke bloed, die direct op de linkerkamer van het hart is
aangesloten. Een vernauwing heeft daarom ernstige gevolgen, niet alleen voor de zuurstofaanvoer
naar het lichaam maar ook voor de linkerkamer van het hart, die overbelast kan raken
omdat het bloed door een nauwe opening moet worden gepompt.
Syndroom van MarfanHet syndroom van Marfan is genoemd naar de Franse kinderarts Antoine Marfan, die het
ziektebeeld aan het eind van de negentiende eeuw voor het eerst beschreef. Het is in de
meeste gevallen een erfelijke ziekte, maar er zijn ook gevallen van Marfan bekend waarbij de
afwijking in het DNA spontaan is ontstaan.
|
|